Challenge by choice

In de editie september-oktober 2017 van het Tijdschrift voor voeding & diëtetiek verscheen onlangs een artikel waaraan ik samen met een aantal collega’s meewerkte. 

Het vertelt meer over de impact van Adventure Therapy bij personen met een eetstoornis (georganiseerd door Saltare vzw i.s.m. Outward Bound School en ANBN).

Dit artikel is een weerslag van een kleinschalig onderzoek dat we deden bij een aantal deelnemers van eerdere groeicursussen. De vraag die we ons stelden was wat zo’n groeicursus volgens deelnemers zelf eigenlijk teweeg kan brengen. 

Wat we te horen kregen, was dat deelnemers wel een impact ervaren op het gebied van zelfacceptatie en zelfwaardering. Er is meer ruimte voor (fysieke en psychische) zelfzorg. Als je weet dat heel wat mensen met een complexe band met eten moeite hebben om eigen grenzen aan te voelen, eigen noden te ervaren en erover te communiceren, dan is dit wel een belangrijke ontwikkeling. Ook de sterke verbondenheid met lotgenoten wordt als een krachtig element van zo’n Adventure Therapy-week (Groeicursus) ervaren. Voelen dat een ander je echt begrijpt en waardeert, dat je er niet helemaal alleen voor staat,… Merken dat al die andere mensen ook best wel oké zijn en dat je dus zelf misschien ook wel oké kan zijn… 

Nieuwsgierig geworden? Lees hier het volledige artikel.

challenge by choice

Emma wil leven – waar vind je hulp?

Op dinsdag 20 juni zond Telefacts de Nederlandse BNN-documentaire ‘Emma wil leven’ uit.

Naar aanleiding van deze documentaire ontvingen we heel wat hulpvragen. Mensen die zich zorgen maken om iemand die ze graag hebben, mensen die zelf worstelen met een eetstoornis en op zoek zijn naar hulp. Dat is precies wat Emma graag had gewild: dat mensen sneller hulp gaan zoeken, zodat het niet zover moet komen als bij haar het geval was.

En we heHerstellen-doe-je-zelfbben goed nieuws: er bestaat degelijke hulp bij eetstoornissen, die mensen kan ondersteunen in het terugkrijgen van de controle over het leven, die kan helpen om te zoeken na
ar de functie en betekenis van de eetstoornis en wat je nodig hebt om terug meer zelf in het leven te kunnen staan.

Bij Voedsel voor de Ziel zetten Mara Reynders en ikzelf onze ervaringsprofessionaliteit in. Net zoals bij de hulpverleners die Emma begeleid hebben, zetten ook wij onze eigen ervaringen met eetstoornissen en vooral ook het herstellen ervan in! We zijn ervan overtuigd dat deze aanpak iets kan bieden dat heel uniek is in Vlaanderen. Wil je graag een afspraak voor een intakegesprek (kostprijs 10€), mail dan even naar info@voedselvoordeziel.be. Neem ook een kijkje op onze website Voedselvoordeziel.be, om een idee te krijgen van onze visie en aanpak, die heel persoonsgericht is en rekening houdt met de noden van wie zich aanmeldt en wie betrokken partij is.

Mijn collega, Mara Reynders, sprak tijdens het VTM-journaal over de problematiek van eetstoornissen, zoals anorexia nervosa. Over de sterke innerlijke criticus die zo intens aanwezig kan zijn dat je eigen stem geen ruimte meer krijgt…

Daarnaast gaf ze tijdens een Facebook Live chat meer duiding bij de documentaire en gaf ze antwoord op vragen van kijkers. Je kan dit interview via deze link nog helemaal herbekijken.

Ben je op zoek naar ambulante hulp (psycholoog, diëtisten, psychiater) of naar plaatsen waar je via opname geholpen kan worden bij een eetstoornis? Dan kan je er hier nog heel wat meer over lezen:

Wacht niet langer om hulp te zoeken!
Heel wat mensen zochten de afgelopen dagen hulp: ook jij kan de stap zetten!

Neem vandaag nog contact op:

  

Rode Neuzen: niet lachen, maar delen helpt!

3 december 2016: de dag waarop er in Vlaanderen voor de tweede maal een Rode Neuzen Dag werd georganiseerd, met een hele tv-show erbij. Tijdens die tv-show zagen we heel pakkende getuigenissen van jonge mensen die een belangrijke boodschap hadden: praat erover, zoek hulp, schaam je er niet voor, maar benoem dat je het moeilijk hebt en ga op zoek naar gepaste hulp. Stuk voor stuk zagen we moedige mensen die willen bijdragen aan bewustwording en aan het openbreken van het taboe. Door aan te tonen dat mensen met psychische problemen in de eerste plaats ook maar gewoon mensen zijn, en dat het probleem slechts een stukje is van wie ze zijn. We zagen ook hoeveel pijnlijke en moeilijke ervaringen onze jongeren vaak al in hun rugzak hebben zitten. Zo’n jongeren zitten op mijn schoolbanken. Ze proberen zich zo goed en zo kwaad als mogelijk te concentreren, en temidden hun medestudenten ‘gewoon’ te zijn en mee te draaien. Onwijs veel respect heb ik daarvoor…

Ik zie hoeveel zo’n Rode Neuzen actie heeft wakker gemaakt bij ontzettend veel mensen. En dat is goed. Dat is waar we het voor doen. Wat ik zelf jammer vind, is het idee dat meegegeven wordt dat ‘lachen helpt’. Maar als ik dan zag hoe flauw de sketches waren tijdens die zelfde Rode Neuzen Show, dan dacht ik echt: mij zou dit nooit geholpen hebben, ik zie er de fun niet van in.

Dat er dit jaar voor gekozen werd om ‘lachen helpt’ te vervangen door ‘delen helpt’ kan ik dan ook alleen maar toejuichen.

Want natuurlijk is humor belangrijk. Tijdens onze gesprekken en groepen in het Inloophuis wordt er ook heel wat afgelachen. We lachen met onszelf, omdat het helpt om even los te komen en afstand te nemen van de bizarre gewoontes die we wel eens plegen te hebben. Maar we lachen niet met elkaar en nooit iemand uit. 

Maar om te herstellen is er meer nodig dan een goed humeur en een lachsalvo op z’n tijd. Om echt te herstellen moet je verbinding kunnen maken met je echte gevoel, met wat jij écht belangrijk vindt in het leven, met de redenen waarom je doet wat je doet en soms ook met de rauwe pijn van verlies, van dromen en verwachtingen die niet ingelost worden,… 

Laat ons de ernst van psychische kwetsbaarheden en de moeilijkheden die dit met zich meebrengt dan ook niet zomaar weglachen. 

Maar laat ons delen. Laat ons terug in gesprek gaan met elkaar. Echt praten, van mens tot mens, van hart tot hart. Zodat we voelen dat we niet alleen zijn in dat unieke mens-zijn.

unity-1767679_640

Voedsel voor de Ziel

Vanuit mijn ervaringen als voorzitter bij ANBN merkte ik al lange tijd dat er nood was aan ondersteuning voor familie en vrienden van personen met een eetstoornis. Als belangrijke steunfiguur (ouder, partner, vriend(in),…) wil je graag betrokken worden en ondersteunend zijn, maar vaak voel je je machteloos en weet je niet meer wat te doen.

Daarnaast merkte ik de kracht van zelf ervaringsdeskundige én hulpverlener te zijn. Alsof je twee perspectieven met elkaar kan samenbrengen, alsof het plaatje op die manier nog beter ‘past’. Het brengt zoveel herkenbaarheid voor mensen, ze voelen zich begrepen en gehoord, ze krijgen de kans om vragen te stellen die je kan beantwoorden vanuit je ervaring én gelinkt aan wat je weet over psychologische processen.

Als ervaringsprofessional zal ik daarom samen met Mara Reynders vanaf 16 januari opstarten met een nieuw initiatief: Voedsel voor de Ziel. 

vvdz

Zowel personen met een eetstoornis als belangrijke steunfiguren zullen er terecht kunnen voor een groepstherapeutisch aanbod. We willen mensen helpen om de weg naar herstel te vinden, om stappen te zetten, om steun te vinden, om niet alleen te moeten dragen wat het leven op je pad heeft gebracht…

Meer informatie en hoe je kan aanmelden kan je terugvinden via onze website: www.voedselvoordeziel.be

Meer vooroordelen over eetstoornissen dan over depressie of diabetes

Als je veel onder mensen met een psychische kwetsbaarheid vertoeft, zou je het soms bijna vergeten of uit het oog verliezen: er bestaan mensen die maar weinig begrip hebben voor psychische problemen. 

Een nieuw onderzoek onder 290 adolescenten bracht in kaart hoe het gesteld is met de kennis over eetstoornissen, depressie en diabetes, maar ook met de vooroordelen die leven tegenover deze verschillende ziekten. Laten we eetstoornissen en depressie even beschouwen als psychische ziekten (die ook lichamelijke gevolgen kunnen hebben) en diabetes als een lichamelijke ziekte (die ook psychische gevolgen kan hebben). 

Waarom dit onderzoek?

Onderzoekers O’Connor, Mc Namara, O’Hara & Mc Nicholas (2016) startten vanuit het idee dat we eerst moeten weten hoe het met de kennis en vooroordelen van jongeren is gesteld, voordat we programma’s kunnen uitwerken die een effect hebben op die kennis en vooroordelen. Booth en collega’s (2004) veronderstellen dat jongeren met een eetstoornis misschien wel eens uitstellen of weigeren om hulp te zoeken net omwille van de angst om beoordeeld of zelfs veroordeeld te worden. Uit vroeger onderzoek weten we overigens dat mensen over eetstoornissen nog veel meer stigmatiserende vooroordelen ervaren, in vergelijking met andere psychische stoornissen en fysieke ziekten. Bovendien blijkt uit een recente studie dat hoe meer stigma mensen ervaren, hoe ernstiger de eetstoornis-symptomen zijn en hoe minder geneigd mensen zijn om hulp te gaan zoeken. Dus net de mensen die het meest hulp nodig hebben, voelen er de meeste weerstand tegen! Meer informatie over studies die dit aantonen kan je vinden in het artikel van O’Connor en collega’s. 

O’Connor en collega’s vonden tijdens het zoeken naar literatuur dat er nog maar weinig onderzoek gedaan is naar de kennis en vooroordelen bij adolescenten. Dit onderzoek is om die reden alleen al relevant.

Wat deden de onderzoekers?

En dus gingen ze aan de slag. 290 Ierse adolescenten (tussen 15 en 19 jaar) kregen casussen (“klinische vignetten”) te lezen waarin een persoon werd voorgesteld die te maken had met anorexia nervosa, boulimia nervosa, binge eating disorder, depressie of diabetes-type 1.  Na het lezen van zo’n casus kregen de leerlingen een vragenlijst om te kijken of ze begrepen over welk probleem het ging en wat de kenmerken er van waren. Ook werden er vragen gesteld over hun houding tegenover de problemen waarover ze net gelezen hadden.

Wat vonden ze?

Uit de resultaten blijkt dat de jongeren veel beter zijn in het herkennen van signalen van depressie (39,4%) dan van anorexia (20,4%), diabetes (17,4%) of boulimia (12,5%). De casus over binge eating werd door geen enkele leerling juist herkend. 

Qua vooroordelen blijkt dat jongeren mensen met eetstoornissen veel vaker persoonlijk verantwoordelijk stellen voor hun problemen, dan bij mensen met depressie of diabetes. Mensen met eetstoornissen kregen ook veel vaker negatieve persoonlijkheidskenmerken toegeschreven. Vooral tegenover binge eating vonden de onderzoekers een bijzonder negatieve houding: jongeren zien binge eating veel meer als een falen in zelfdisciplinering dan als een medische aandoening. 

Even rechtzetten

Om misverstanden te vermijden wil ik hierbij nog even meegeven dat eetstoornissen niet gewoon een kwestie zijn van “wat beter je best doen” of “wat meer zelfcontrole hebben”. Mocht het zo eenvoudig zijn, dan liepen er niet zoveel mensen tegen zichzelf aan!

We weten nog steeds niet goed in welke mate aanleg, persoonlijkheidsfactoren en omgevingsfactoren bijdragen aan het ontstaan van eetstoornissen. Maar we weten wel dàt al deze factoren een bijdrage leveren!

Momenteel loopt er een wereldwijd grootschalig onderzoek om de genetische aanleg bij anorexia nervosa in kaart te brengen en beter te leren begrijpen. Daarnaast doet men onderzoek naar verschillende psychologische factoren (vb. emotieregulatie, cognitieve schema’s, lichaamsbeleving,…) en naar de invloed van omgevingsfactoren (vb. door te onderzoeken hoe programma’s waar familie betrokken wordt kunnen helpen bij het herstel van een persoon met een eetstoornis). 

Bron geciteerd artikel:
Cliodhna O’Connor, Niamh McNamara, Lesley O’Hara & Fiona McNicholas (2016): Eating disorder literacy and stigmatising attitudes towards anorexia, bulimia and binge eating disorder among adolescents, Advances in Eating Disorders, DOI: 10.1080/21662630.2015.1129635

http://dx.doi.org/10.1080/21662630.2015.112963