Categorie archief: tip

Emma wil leven – waar vind je hulp?

Op dinsdag 20 juni zond Telefacts de Nederlandse BNN-documentaire ‘Emma wil leven’ uit.

Naar aanleiding van deze documentaire ontvingen we heel wat hulpvragen. Mensen die zich zorgen maken om iemand die ze graag hebben, mensen die zelf worstelen met een eetstoornis en op zoek zijn naar hulp. Dat is precies wat Emma graag had gewild: dat mensen sneller hulp gaan zoeken, zodat het niet zover moet komen als bij haar het geval was.

En we heHerstellen-doe-je-zelfbben goed nieuws: er bestaat degelijke hulp bij eetstoornissen, die mensen kan ondersteunen in het terugkrijgen van de controle over het leven, die kan helpen om te zoeken na
ar de functie en betekenis van de eetstoornis en wat je nodig hebt om terug meer zelf in het leven te kunnen staan.

Bij Voedsel voor de Ziel zetten Mara Reynders en ikzelf onze ervaringsprofessionaliteit in. Net zoals bij de hulpverleners die Emma begeleid hebben, zetten ook wij onze eigen ervaringen met eetstoornissen en vooral ook het herstellen ervan in! We zijn ervan overtuigd dat deze aanpak iets kan bieden dat heel uniek is in Vlaanderen. Wil je graag een afspraak voor een intakegesprek (kostprijs 10€), mail dan even naar info@voedselvoordeziel.be. Neem ook een kijkje op onze website Voedselvoordeziel.be, om een idee te krijgen van onze visie en aanpak, die heel persoonsgericht is en rekening houdt met de noden van wie zich aanmeldt en wie betrokken partij is.

Mijn collega, Mara Reynders, sprak tijdens het VTM-journaal over de problematiek van eetstoornissen, zoals anorexia nervosa. Over de sterke innerlijke criticus die zo intens aanwezig kan zijn dat je eigen stem geen ruimte meer krijgt…

Daarnaast gaf ze tijdens een Facebook Live chat meer duiding bij de documentaire en gaf ze antwoord op vragen van kijkers. Je kan dit interview via deze link nog helemaal herbekijken.

Ben je op zoek naar ambulante hulp (psycholoog, diëtisten, psychiater) of naar plaatsen waar je via opname geholpen kan worden bij een eetstoornis? Dan kan je er hier nog heel wat meer over lezen:

Wacht niet langer om hulp te zoeken!
Heel wat mensen zochten de afgelopen dagen hulp: ook jij kan de stap zetten!

Neem vandaag nog contact op:

  

Voedsel voor de Ziel

Vanuit mijn ervaringen als voorzitter bij ANBN merkte ik al lange tijd dat er nood was aan ondersteuning voor familie en vrienden van personen met een eetstoornis. Als belangrijke steunfiguur (ouder, partner, vriend(in),…) wil je graag betrokken worden en ondersteunend zijn, maar vaak voel je je machteloos en weet je niet meer wat te doen.

Daarnaast merkte ik de kracht van zelf ervaringsdeskundige én hulpverlener te zijn. Alsof je twee perspectieven met elkaar kan samenbrengen, alsof het plaatje op die manier nog beter ‘past’. Het brengt zoveel herkenbaarheid voor mensen, ze voelen zich begrepen en gehoord, ze krijgen de kans om vragen te stellen die je kan beantwoorden vanuit je ervaring én gelinkt aan wat je weet over psychologische processen.

Als ervaringsprofessional zal ik daarom samen met Mara Reynders vanaf 16 januari opstarten met een nieuw initiatief: Voedsel voor de Ziel. 

vvdz

Zowel personen met een eetstoornis als belangrijke steunfiguren zullen er terecht kunnen voor een groepstherapeutisch aanbod. We willen mensen helpen om de weg naar herstel te vinden, om stappen te zetten, om steun te vinden, om niet alleen te moeten dragen wat het leven op je pad heeft gebracht…

Meer informatie en hoe je kan aanmelden kan je terugvinden via onze website: www.voedselvoordeziel.be

Stappen naar herstel

Wat zou voor jou een volgende stap kunnen zijn richting herstel?

Het antwoord op die vraag zal voor iedereen anders zijn. Het is ook afhankelijk van de fase van herstel waarin je zit.

checking_out_the_view_150_clr_13698

Sommige mensen hebben nog maar net voor zichzelf ontdekt dat ze heel erg in de knoop zitten met zichzelf, en dat dat zich uit in een verstoord eetpatroon en soms nog heel andere problemen.

Andere mensen hebben misschien al een heel traject achter de rug en hebben al heel wat inzichten in zichzelf en hun patronen verworven. Toch merken ze dat inzicht alleen niet voldoende is. Maar wat is er dan nog méér nodig, om de eetstoornis onder de knoet te krijgen?

Nog andere mensen zijn misschien nog zoekend naar wat er precies aan de hand is met hen. Misschien voel je wel aan dat het niet goed met je gaat, maar weet je niet waarom dat zo is. Lastige situatie, want onduidelijkheid brengt onrust. Een aantal dingen voor jezelf op een rijtje zetten, een paar boeken lezen over vb. eetstoornissen en aanverwante thema’s (vb. angst, piekeren, depressie, post-traumatische stress, dwang, perfectionisme, zelfvertrouwen, lichaamsbeleving,…) kunnen je misschien al wat punten van herkenning geven. Het kan zinvol zijn om de dingen die je herkent op kleine briefjes (post-its) te noteren. Nadien zou je er een collage van kunnen maken, waarbij je dingen die verband houden met elkaar kan groepen en waarbij je eventueel met pijlen kan aangeven wat volgens jou samenhangt met elkaar (vb. jezelf weinig waard voelen en daardoor van jezelf vinden dat je op dieet moet of dat je geen toetje mag of niet teveel mag stilzitten, want misschien vind je van jezelf dat je rust moet verdienen).

Hieronder vind je alvast nog een paar andere mogelijke stappen die je zou kunnen zetten, op weg naar herstel. Aarzel niet om contact op te nemen met onze vrijwilligers om te vragen hoe je zoiets best zou aanpakken, wat je kan verwachten, welke woorden je best wel/niet gebruikt,…

  • Iemand in vertrouwen nemen, vb. door een brief of mail te sturen, of door een gesprek met iemand aan te gaan waarin je aangeeft dat je het moeilijk hebt en wel wat steun kan gebruiken.
  • Jezelf informeren over eetstoornissen, over de signalen en kenmerken, maar ook over de gevolgen én hulpmogelijkheden.
  • Als je iemand bent die veel nadenkt en veel inzichten heeft, maar toch qua gevoel nog vaak tegen hindernissen aan loopt, dan kan een ervaringsweek wel iets voor jou zijn! Op maandag 25 januari kan je daarover meer te weten komen in het Inloophuis
  • Neem een groot blad papier (of de achterkant van een poster of affiche die je toch niet meer gebruikte): schrijf daarop alle activiteiten (minstens 10) waar jij een gelukkig, vrij, ontspannen, opgewekt, opgelucht,… gevoel van krijgt. Elke keer als je een moeilijk moment hebt (vb. je voelt een eetbui opkomen, of je twijfelt of je iets wel/niet zou durven eten) probeer je eerst minstens 1 van die dingen van jouw lijst uit. We weten dat het mensen helpt om hun aandacht even te verleggen van lastige gevoelens of overheersende gedachten naar een activiteit die hen deugd doet, omdat je leert om je aandacht terug op iets anders te focussen in plaats van mee te gaan in wat op dat moment al je aandacht opslorpt. 
  • Daarnaast kan het soms ook gewoon handig zijn om op zo’n lastige momenten je dagboek erbij te nemen en een piekerkwartiertje in te lassen: in zo’n kwartier mag je alles neerschrijven wat er op dat moment door je heen gaat. Nadien doe je je piekerboek terug dicht en doe je iets ontspannend (of ga weg uit de ruimte waar de negativiteit of spanning “in de lucht hangt”).
  • Nog een andere optie is om de gevoelens er gewoon te “laten zijn”. We hebben vaak de neiging om lastige gevoelens snel “weg” te willen maken. Maar het zijn eigenlijk maar gewoon gevoelens en gedachten. Die kunnen ons niet écht pijn doen. We hoeven er ook niet naar te handelen, als ze opkomen. Maar we kunnen er wel naar kijken en we kunnen ook proberen te begrijpen wat die gevoelens willen zeggen. Misschien geven ze wel een (alarm)signaal dat we heel serieus moeten nemen. Bijvoorbeeld omdat er iemand over onze grens gaat en we dat echt niet willen. Dan mag je ernaar luisteren en is het prima mogelijk om “nee” te zeggen! Veel beter dan jezelf te verliezen in een eetbui, in automutilatie, of in jezelf uithongeren omdat je boos bent op jezelf omdat je niet trouw durfde zijn aan jezelf (of een andere reden). Of misschien is een gevoel een gevolg van een patroon dat je vroeger hebt aangeleerd, als een soort overlevingsmechanisme. Het is best mogelijk dat je jezelf vb. heel klein gaat maken (door jezelf onderuit te halen in negatieve gedachten) wanneer iemand net een snerende opmerking heeft gemaakt. Vroeger was dat misschien de veiligste reactie, omdat je als kind niet op kon tegen de grote en sterkere volwassene. Maar nu je zelf groter bent, kan je luisteren naar de reactie van dat kleine kind, er met zorg naar kijken en horen dat je je gekleineerd voelt en aangeven dat het niet oké is, dat zo’n opmerking niet respectvol is en dat je het waard bent om op een volwassen en respectvolle manier toegesproken te worden. 
  • Toch maar eens die telefoon nemen om een afspraak te maken bij een diëtist, psycholoog en/of psychiater, of voor een eerste gesprek om je te informeren over opname- en behandelmogelijkheden (en onthoud: een gesprek aanvragen hoeft niet te betekenen dat je al meteen “ja” zegt tegen een opname – maar als je meer informatie hebt, kan je wel een meer overwogen keuze maken ;-))
  • Een lijst maken van de dingen die voor jou écht heel belangrijk zijn in het leven. 
    Kijk nadien of die lijst overeenkomt met de tijd die je op een week spendeert aan verschillende domeinen in je leven. Zitten er grote verschillen tussen? Misschien kan je dan één actie voor jezelf uitkiezen om alvast een kleine stap dichter te komen bij een leven dat meer in overeenstemming komt met wie je écht bent en wat jij écht belangrijk vindt (want geeft toe, van vermageren of diëten of eetbuien houden gaat je hart doorgaans niet sneller slaan…)

magnify_those_footsteps_150_clr_13202 Wat zou voor jou een volgende stap kunnen zijn richting herstel?

57 bouwstenen om te herstellen

Op Buzzfeed verscheen een paar dagen geleden een boeiend overzicht van Rebolini en Varner met 57 dingen die mensen als helpend hebben ervaren tijdens hun herstelproces. Je zou het ook wel kunnen zien als bouwstenen, waarmee elke persoon zijn eigen ‘herstelmuur’ kan opbouwen, een muur met post-its op om je eraan te herinneren wat je ook alweer kan doen om te werken aan je herstel.

herstelmuur

Enkele herkenbare dingen die ook mij geholpen hebben tijdens mijn herstelproces:

  • het delen van je beleving met dierbaren en je openstellen voor anderen (1 & 2)
  • triggers leren herkennen en leren vermijden, of er op een andere manier op leren reageren (3)
  • maaltijden terug tot een sociale activiteit maken (4), zodat je bezig bent met aandacht schenken aan de mensen waarin je geïnteresseerd bent en niet alleen in wat er op je bord ligt
  • paying it forward (7): de steun die ik kreeg van lotgenoten die ik ontmoette op het forum van ANBN heeft me erg geholpen (18). Nu zet ik me zelf in (o.a. via ANBN) om anderen ook de kans te geven om te ervaren wat de kracht van lotgenotencontact kan zijn.
  • in therapie blijven en doorzetten (8): juist wanneer je denkt dat je ermee wil kappen, dat het nu echt wel lang genoeg geduurd heeft of dat het allemaal geen zin meer heeft is het belangrijk om vol te houden, om je zorgen uit te spreken en op zoek te gaan naar ‘waar loop ik van weg’ of ‘wat heb ik nu nodig’ (en soms kan dat ‘iets anders’ zijn, maar soms is het ook ‘het gesprek aangaan’ in plaats van ervan weg te lopen). Leren (durven) spreken over de geheimen die je meedraagt, hoe eng of beschamend zelfs het idee alleen al is om de woorden uit te spreken. Delen doet helen (43).
  • doelen of waarden vinden in je leven waar je het écht allemaal voor over hebt (10): een job vinden waarin ik anderen kan helpen om zichzelf (terug) te vinden, om te groeien, om van elkaar te leren,… (37) Of een partner ontmoeten waar je dolgraag de rest van je leven en vele avonturen mee wil beleven. Een doel voor ogen hebben helpt te relativeren en houdt je focus gericht op wat essentieel voor je is, vooral op dagen dat Meneer Murphy je komt opzoeken en het lijkt alsof je voor het ongeluk geboren bent.
  • een huisdier nemen (12): een huisdier oordeelt niet over je uiterlijk, het enige dat telt is dat je aandacht, liefde en eten geeft. En af en toe de kattenbak reinigt. Dat ook ja.
  • iemand hebben die je heel erg vertrouwt en waar je bij terecht kan op moeilijke momenten (14) en als je zo meerdere personen kan vinden, is dat des te beter, heb ik gemerkt. Want dan kan je afwisselen en hoef je je minder zorgen te maken over het belasten van je vrienden. (En dat op tijd en stond eens navragen kan ook geen kwaad, al was het om de stem van je innerlijke criticus, dat je ‘een last’ bent, het zwijgen op te leggen.)
  • jezelf uiten in een oordeel-vrije omgeving, door te tekenen (21), te bewegen, te schrijven (39),…
  • jezelf afleiden op lastige momenten (23): wat mij helpt is de natuur in gaan en daar bewust focussen op wat er te zien is, de blaadjes, het gras, de vorm van een steen, de kleur van een kikker, de geur van vers gemaaid gras of herfstige bladeren,… (43)
  • toelaten dat het ook wel eens wat minder kan gaan (26), in plaats van jezelf daarvoor volledig afbreken en de grond in boren. Mild zijn voor jezelf dus.
  • iets in je handen nemen om te haken of te breien (27): niet alleen een goede techniek om het gesnoep tegen te gaan, maar het levert voor vrienden vaak ook nog eens leuke cadeaus op, zoals een gebreide sjaal of een gehaakt diertje
  • muziek vinden die bij je gevoel past, die je kan oppeppen of juist kan helpen om vb. verdriet toe te laten (29)
  • kiezen voor de mensen die je energie geven, of die je mee wil nemen op je levensweg en afscheid nemen van mensen die je niet mee op reis wil hebben (42)
  • en voor mij nog een 58ste tip: zorg voor regelmaat in je leven. Regelmatig eten, slapen, jezelf verzorgen, werken, ontspannen, tijd nemen voor vrienden en huisdieren, bewegen,…

Wat zijn voor jou bouwstenen voor herstel?

11 vragen bij moeilijke momenten

Jim Nix, creative commens license

Jim Nix, creative commens license

Wanneer je een moeilijke periode doormaakt kan het lijken alsof alles tegenzit. Misschien heb je wel de angst of de bezorgdheid dat het allemaal teveel wordt of dat je het leven niet meer in handen hebt. Op zo’n frustrerende of uitzichtloze momenten kan je kleine dingen proberen die een groot verschil kunnen maken. Het verschil tussen volhouden en opgeven.

Hieronder deel ik een aantal vragen die voor mezelf in het verleden al zinvol bleken.
Misschien kunnen ze ook jou helpen om vol te houden.

  1. Heb je vandaag al gedronken? Indien niet, drink dan wat. Dehydratatie is een belangrijke oorzaak van hoofdpijn, maar soms word je er ook prikkelbaar en futloos door.
  2. Heb je de afgelopen 4 uur al iets gegeten? Indien niet, eet dan wat. Kies eerder voor een gezonde snack (zoals een yoghurtje, een handvol noten, een stuk fruit, een boterham) dan voor een snack boordevol suikers en vetten (vb. snoepreep). Soms heeft je lichaam nood aan energie, energie die oké is voor je gevoel.
  3. Heb je jezelf vandaag al gewassen? Indien niet, neem een douche of een bad. Wat voor jou het aangenaamste is. Jezelf wassen kan je hoofd helpen opklaren en kan helpen om terug in contact te komen met je lichaam. Voel hoe het water je lichaam verwarmt, of net afkoelt. Voel hoe je spieren zich ontspannen. Voel de douchestralen op je hoofdhuid. Ruik de geur van de shampoo of douchegel. Laat het tot je doordringen.
  4. Heb je kleren aan? En nee, geen jogging of pyjama. Echte kleren, waar je mee buiten durft te komen? Jezelf aankleden hoeft maar 5 minuten te duren. Kies iets uit waar je je op andere dagen zelfzeker of mooi in voelt. Het kan helpen om dat gevoel terug op te roepen.
  5. Ben je vandaag al naar buiten gegaan? Zware lichaamsinspanning is niet nodig, maar gewoon een blokje rond wandelen zet je in beweging. Je hoeft niet ver te gaan. Zolang je je schoenen maar aantrekt en jezelf de kans geeft om even tussen de vier muren van je huis weg te gaan. Voel het licht, voel het wandelritme, kijk rond naar de wereld, merk de kleine dingen op (een bloemetje dat zich tussen de stoeptegels heeft gewrongen, een insect of vogel, een mens die een andere mens groet,…). Start met vijf minuten. Als je na vijf minuten echt terug wil, dan kan dat. Maar misschien voel je hoeveel deugd het je doet om buiten te zijn, en wil je toch wat langer wandelen. Wie weet kom je zo onverwachts wel aan je half uurtje bewegen per dag.
  6. Heb je al met iemand gesproken? Spreek iemand aan. Geef een compliment. Vraag hoe het met iemand gaat. Maak even écht contact met iemand. Kijk hem of haar in de ogen. Het kan helpen om je niet meer zo geïsoleerd of afgesneden te voelen.
  7. Heb je vandaag al met een levend wezen geknuffeld? Dat kan een vriend(in) zijn, maar net zo goed een huisdier, of het huisdier van een vriend(in). Aarzel niet om een knuffel te vragen. De meeste mensen en dieren zullen er net als jij van kunnen genieten. Door er om te vragen dring je jezelf niet op. De ander kan nog altijd ‘nee’ zeggen als het niet oké voelt.
  8. Ben je heel erg moe? Misschien heb je net een erg uitputtende of emotionele periode achter de rug, of zit je er nog middenin. Dan is het niet verwonderlijk dat je vermoeid bent. Probeer een goed dag-nacht-ritme aan te houden, met voldoende slaap, afhankelijk van wat je nodig hebt.
    Slapen overdag is toegestaan, maar zet misschien best je wekker op 30 minuten. Als je langer dan een half uur slaapt, kan je er juist nog suffer van worden. Een kort middagdutje kan echter verkwikkend werken. Ga ’s avonds op tijd slapen en zet alle schermen (pc, smartphone, tablet,…) uit. Lig je langer dan een half uur wakker? Sta dan op en ga iets anders doen. (Niet in bed zelf, maar op een andere plek. Je bed dient enkel om te slapen.) Probeer het na een half uur nog eens opnieuw.
  9. Heb je het gevoel dat je nergens toe in staat bent? Doe een heel klein klusje. Vervang de rol toiletpapier als die op is. Kijk even na welk weer het wordt de rest van de dag. Ga de bus leegmaken. Was één kop af. Doe één rondslingerend kledingstuk in de wasmand. Sommige dagen voel je je tot niet veel meer in staat. Maar telkens als je opstaat van je stoel kan je zo één klein klusje uitvoeren. Daardoor val je niet volledig stil. En je kan ervaren dat je nog altijd iets kan. Vandaag is het misschien maar een sok in de wasmand steken. Morgen doe je de hele was. En meer misschien.
  10. Neem je medicatie? Kijk goed na of je die wel regelmatig ingenomen hebt. Er bestaan doosjes die je kunnen helpen om de pilletjes per week klaar te zetten. Zo verklein je de kans dat je een dosis overslaat. Of misschien werd er onlangs iets aan je dosering veranderd? Bespreek hoe je je voelt met je psychiater. Misschien is de dosering of het product niet afgestemd op wat je nu nodig hebt.
  11. Staat er een afspraak met je hulpverlener gepland? Als je je echt ellendig voelt, wacht dan niet langer dan een week af. Neem contact op met je hulpverlener. Vraag eventueel een bijkomende, vervroegde afspraak. Als je nog geen hulp hebt, ga er dan naar op zoek. Er zijn verschillende diensten en personen waar je terechtkan. Wacht niet af tot het je allemaal teveel wordt.
    Neem contact op met iemand die je vertrouwt, of een dienst waar je vertrouwen in stelt.
    Voorbeelden zijn: je huisarts, je psycholoog, psychotherapeut of psychiater, het CAW, het JAC, het CGG, Tejo (voor jongeren), Tele-Onthaal (106), de Zelfmoordlijn (1813 of chat), ANBN (bij eetstoornissen),…

Heb jij nog vragen of tips die anderen kunnen helpen?
Wat helpt jou om de moeilijke momenten door te komen?